
De camel is één van de meest complexe bewegingen in de oriëntaalse dans. Dat komt doordat je je gewicht verplaatst terwijl je tegelijkertijd je onderste buikspieren gebruikt om je bekken te kantelen en los te laten. Die onderste buikspieren gebruiken we in het dagelijks leven onbewust en het is lastig om ze te leren aanspannen. Daarom een paar tips:
- Als je deze spiergroep nog niet ‘gevonden’ hebt, leg je hand ongeveer vijf centimeter onder je navel en duw zachtjes op je buik. Daar zit de spier die je wilt gebruiken. Duw terug door je buikspieren aan te spannen. Oefen dit een paar keer per week en na een tijdje kun je ook zonder je hand op je buik deze spieren aanspannen
- Begin klein. Als je deze spieren vaker gebruikt worden ze sterker en zal de bewegingen steeds duidelijker te zien zijn. Laat je niet ontmoedigen als je beweging op dit moment nog klein is. Met oefening wordt de beweging vanzelf groter.
- Bij de camel is je gewicht verplaatsen heel erg belangrijk. Ook dat kan je oefenen, bijvoorbeeld als je bij de bushalte aan het wachten bent. Verplaats je gewicht naar de voorkant van je voeten en vervolgens naar de achterkant. De plaatsing van je gewicht zorgt ervoor dat bewegingen soms onwaarschijnlijk of tegennatuurlijk lijken. Zoals de moonwalk en in mindere mate de camel.
Meer lezen over de onderste buikspieren in de buikdans? Kijk op het blog van Shems
Tip voor schoentjes
Bij Perry Sport of andere sportwinkels verkopen ze balletschoentjes van stof met een rubberen zool. Handig voor meer grip op de vloer! Voor balletschoentjes van leer kun je terecht bij Flashdance op de Voorstraat. Of als je gouden/zilveren schoentjes mooi vindt, kijk eens bij deze webshop: